Actueel

De bewoners doen het!

Bewoners verzinnen het

The Placemaker ontwikkelt op een vernieuwende wijze projecten in nauwe samenspraak met toekomstige (be)woners. Slaat dit concept aan? Wat zijn kansen en bedreigingen? Wie bedenkt de concepten eigenlijk? Wie wil er op deze manier meedoen? Biedt dit ook mogelijkheden voor de huursector?
Vragen, vragen, vragen. Hoogste tijd voor een interview met Stefan Schuwer; stuwende kracht van The Placemaker. Een boeiend gesprek over trends, woners, grondposities, lokaal dna, muzikanten en paarden.

Wat was je drive bij de start van The Placemaker? Waarom niet gewoon ouderwets projecten ontwikkelen?
In 2014 ben ik begonnen met The Placemaker. Ouderwets projecten ontwikkelen had ik voldoende gedaan. Maar ik vond het niet onderscheidend genoeg meer. Als mensen met mij spraken over “woonplezier” ging het over veel meer dan een huis. Kwaliteit van wonen betekende voor hen steeds vaker nadenken over de omgeving, de buren, invulling van eigen behoeftes. Ik constateerde dat er veel mensen zijn, die op een minder traditionele manier hun woonwensen willen realiseren en zelf invloed op het eindresultaat willen hebben.

Dat is allemaal mooi en aardig, maar noem mij één ontwikkelaar die tegenwoordig consument gericht bouwen niet met hoofdletters in de brochures schrijft. Wat is het verschil?
Het verschil is dat The Placemaker aan de voorkant van een project – dus al in de conceptfase, vóórdat je met het ontwerpen woningen begint – mensen proactief laat nadenken hoe ze willen wonen. Ik gebruik liever niet de term ‘woonconsument’. Wonen is niet iets wat je zomaar even consumeert. Nee; ik praat over een ‘woner': iemand die het wonen beleeft en actief vorm en invulling geeft aan deze basisbehoefte. Co-creatie staat bij ons voorop.

Heb je een kant-en-klaar concept?
Absoluut niet. Dat is nu juist het verschil. Projecten worden niet door ons bedacht; dat doen de woners zelf. The Placemaker heeft momenteel zo’n 15 tot 20 verschillende projecten in ontwikkeling; ieder met een eigen concept. Variërend van een wijk voor muzikanten tot aan een buurt voor paardenliefhebbers. Wij gaan altijd uit van de potentie van een plek. De dynamiek van Nijmegen is anders dan die van Rotterdam. En binnen Nijmegen zijn er weer vele plekken met elk hun eigen kwaliteit, potentie, “genius loci”. Daar moet je met je concept natuurlijk op aansluiten, je moet ook iets toevoegen aan kwaliteit voor de omgeving. Via gesprekken met mensen die de stad kennen proberen wij het DNA van de stad te pakken te krijgen en de kracht van een plek. Wat ligt er op en onder het oppervlak? Een ontzettend boeiend proces. Zo ontstaan de programma’s en de verschijningsvormen. Interactie is belangrijk. Luisteren; de input professioneel vertalen en dat weer terugleggen. (Be)woners verzinnen de concepten; niet ik. Projectontwikkeling blijft een vak; maar ik ontwerp/ontwikkel door eerst goed te luisteren en dan de vertaling professioneel op te pakken. Zo worden woners ambassadeurs die hun plek ontwikkelen.

Kun je een concreet voorbeeld noemen?
Het Minidorp in de Waalsprong vind ik een heel toepasselijk voorbeeld. Geïnteresseerden hebben via workshops input geleverd over hun woonwensen voor een Minidorp. Deze woonwensen zijn door ons vertaald in verschillende stedenbouwkundige concepten. Die zijn weer voorgelegd; de uiteindelijke keuze voor een concept is gemaakt door de toekomstige bewoners. Ook de vertaling naar architectuur, inrichting (gemeenschappelijk) binnenterrein, energievoorziening etc wordt door de woners gekozen. Wij bereiden voor en bieden de mogelijkheden, de woners kiezen. Individueel en collectief. Mooier kun je het niet hebben.

Muziekwonen; nog zoiets. Hoe is dit ontstaan?
Muziekwonen is ontstaan op basis van een toevallig gesprek met twee muzikanten uit Nijmegen. Er werd gefilosofeerd over een woonvorm waarbij muziek centraal staat. Toen we hiermee verder gingen kwam de reactie van andere muzikanten: “Verrek; zo’n behoefte heb ik ook.” Een latente behoefte wordt zo concreet. In no time hadden we meer dan 140 belangstellenden, zonder grote wervingscampagnes, maar via facebook, lokale media en mond-op-mond reclame. Nu komen mensen naar The Placemaker toe met de vraag: kun je ons helpen met het realiseren van onze droom. Dus aan de slag met een actieve woonwens. Anders was ik nooit op het idee gekomen van een paardenwijk. Mooi om te constateren dat deze “omgekeerde weg” werkt.

Muziekwonen terugblik 2015

Wat zijn bepalende factoren geweest waardoor schijnaar modieuze trends tot concrete projecten hebben geleid?
Het concept van The Placemaker heb ik vaak aan professionals en niet – professionals uitgelegd. In het begin kreeg ik als reactie: “Veel succes ermee!” Dat weerhield mij er niet van om door te gaan. Veel praten in het netwerk; feedback vragen; informeren waar vastgelopen projecten zaten en de vraag stellen of The Placemaker kon helpen dat probleem op te lossen. Het eerste “ja” op een project was de moeilijkste; daarna ging het beter. Concrete voorbeelden werken nu eenmaal het best. En de reactie van niet-professionals is steevast: Stefan, dat is een top-idee, daar is heel veel behoefte aan! Vooral met die bevestiging van woners ben ik aan de slag gegaan met de projecten in Nijmegen, Rotterdam, Eindhoven, Tilburg, Best………. in …………..

Zonder grond geen project. Dat is een ijzeren wet bij projectontwikkeling. Hoe kijken grondeigenaren naar The Placemaker?
Het is lastiger om grond te verwerven dan vanuit een traditionelere aanpak. Particuliere grondeigenaren en gemeenten zijn positief nieuwsgierig. Maar het kost veel energie om die positieve nieuwsgierigheid via concretisering van het concept om te zetten in daadwerkelijke bereidheid tot verkoop van de grond. 

Biedt The Placemaker de beste prijs voor de grond?
The Placemaker betaalt zeker een goede grondprijs. Maar we doen niet zo maar mee met iedere tender om de hoogste grondprijs aan de voorkant op te hoesten. Grond moet zijn waarde opbrengen; maar waarde wordt ook gecreëerd door het proces van co – creatie. Dat kost tijd. Dan past een tender van 4 weken niet. Neem de Waalsprong in Nijmegen. Wij zijn hier bezig met twee concepten: Minidorp en Muziekwonen. De gemeente Nijmegen vindt beide projecten zeer interessant, omdat het aanvullend is aan reguliere projecten. Ze passen in de gewenste diversiteit van de Waalsprong, zoals die in de gemeentelijke Woonvisie is verwoord. Vanuit die optiek voer ik gesprekken over de verwerving van de grond. Dat geeft mij vertrouwen op een goede afloop.

Ben je ook actief in binnenstedelijke locaties?
Jazeker. In Eindhoven is een project ontstaan in interactie met de omgeving op het terrein van Diagnostiek voor U. Dit woonconcept is o.a. bedoeld voor de hoger opgeleide techneut die over de wereld zwerft. Dit is een typisch doelgroep, voortkomend uit het dna van Eindhoven. Puur Eindhovens. Hoogwaardig wonen in combinatie met sport, fitness en een toprestaurant. Want dat past uitstekend op die plek, en voegt een extra dimensie toe aan de nieuwe EN de huidige bewoners.

Logo Minidorp

Moeten deze woners een lange adem hebben?
Ja. Ik ben daar heel eerlijk in. Het proces start met dromen. Initiatiefnemers zijn in staat om na te denken hoe ze willen wonen als er niks is. Anderen kunnen dit pas als het concept iets verder is. Zij stappen in op basis van keuzes die voorgangers hebben gemaakt. Wie vanaf het allereerste begin is betrokken moet een langer proces doormaken. Soms leidt dit tot ongedurigheid. Maar het proces wordt gewaardeerd.

Dit lijkt verdacht veel op collectief particulier opdrachtgeverschap. Toch is het anders. Er is een groep bewoners, die ik “comfortzoekers” noem. Ze zoeken een woning uit een brochure. Een mooi huis; eigen keuken; eigen badkamer; waar mogelijk nog wat aanvullende wensen. Geen gedoe. Daar is helemaal niets mis mee. Collectief en individueel particulier opdrachtgeverschap is het andere uiterste. Zij willen hun eigen opdrachtgever zijn en alles zelf regelen. De bijbehorende sores nemen ze voor lief. Het concept van The Placemaker is een tussenvorm. Mijn doelgroep zijn cpo’ers, die actief willen nadenken over woning en leefomgeving en daarop zeker invloed willen hebben, maar het gemak en het comfort van een professionele ontwikkelaar zoeken voor het proces en financieel risico. The Placemaker ontzorgt hen hiermee. Soms zeg ik wel eens gekscherend: “Ik ben er voor de luie cpo’er.” Ik bedoel dat vooral niet denigrerend, maar het is wel treffend.

Biedt dit kansen voor de huursector?
Deze aanpak biedt zeker kansen voor de huursector. Sterker: woningcorporaties hebben veelvuldig ontwikkeld voor specifieke groepen bewoners: Surinaamse ouderen, Marokkaanse ouderen, autistische jonge mensen, muziekstudenten. Maar woningcorporaties hebben het momenteel erg moeilijk. Investeren in een project van The Placemaker lijkt op dit moment een brug te ver. Jammer; maar ik weet zeker dat dat tij weer gaat keren. Want de behoefte aan dit soort woonvormen is groter dan ooit.. We gaan dus gewoon verder om ons gedachtegoed te concretiseren. Vooralsnog vooral in de koop, maar wie weet: binnenkort ook in de (sociale) huur.

Logo Muziekwonen

Muziekwonen en een paardenwijk. Nog meer opvallende initiatieven?
Jazeker. We zijn momenteel bezig met een groep die heel erg afhankelijk is van zorg. Zo’n 15 jaar geleden bouwden corporaties in Arnhem woningen voor bewoners die uit het Dorp verhuisden om in de stad te gaan wonen. Er zijn meer voorbeelden in de huur voor woongroepen met een beperking. Waarom ook niet in de koop? Zelfstandig ouder worden in een woning en woonomgeving met gelijkgestemden op een eigen gekozen manier. Natuurlijk kan en mag dat ook in een gemengde groep, waar jong en oud bij elkaar wonen. Ouderen denken momenteel veel na over een duurzame wijze van wonen met of zonder beperking. Terecht. Ze willen zelf de regie houden. The Placemaker kan hen daarbij helpen.

Moet iedere ontwikkelaar een Placemaker worden?
Nee hoor; dat is nergens voor nodig. En dat zeg ik niet om mezelf te beschermen. De hierboven aangehaalde “comfortzoeker” zal altijd het grootste deel van de markt blijven vormen. Nogmaals gezegd: daar is niets mis mee. The Placemaker richt zich op een specifieke klantgroep, tussen CPO en de “comfortzoeker” in. En die is voor ons voorlopig groot genoeg. Wij krijgen veel energie van het werken met deze woners aan de door hen bedachte concepten.

Waarvan akte.

Vincent Cantrijn, februari 2016
In bovenstaand interview kwamen al veel van The Placemaker projecten aan de orde.
Maar er waren nog veel meer activiteiten en ontwikkelingen! Klik hier voor de vele overige projecten en initiatieven.

Amersfoort:
Vathorst Noord

Amsterdam:
Jan van Schaffelaarplantsoen

Best:
Hippisch wonen

Delft:
Spoorzone

Eindhoven:
Diagnostiek voor U

Nijmegen:
Waalsprong Minidorp
Waalsprong Muziekwonen

Rotterdam:
Centrum: Jacobsplaats
Overschie: Blijvenburg

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Share on LinkedInPin on Pinterest